by Seshata on 09/07/2015 | Medicinaal

Cannabis en de bijenverdwijnziekte

In de afgelopen jaren is een alarmerend groot aantal bijenvolken uitgestorven. Milieu- en volksgezondheidsinstanties hebben geprobeerd de onderliggende oorzaken te achterhalen en beleid in te voeren om het verschijnsel, dat de naam bijenverdwijnziekte (Colony Collapse Disorder - CCD) heeft gekregen, ongedaan te maken. Kunnen cannabistelers helpen bij de oplossing van het probleem?


Trekken cannabisplanten bijen aan?

Over het algemeen worden bijen aangetrokken door bloemen die veel nectar en stuifmeel produceren, en keuren ze bloemen af die niet voldoende opleveren. Bloemen die bestuiving door insecten nodig hebben, hebben zich op hun beurt over het algemeen zo ontwikkeld dat ze voldoende nectar produceren om bijen en andere bestuivende insecten aan te trekken.

Bijenverdwijnziekte - honingbijen zijn belangrijke bestuivers van de gewassen - Sensi Seeds blog
Honingbijen zijn zeer belangrijke bestuivers van de gewassen over de hele wereld, maar het aantal volken dat uitsterft neemt alarmerende vormen aan (© Jurvetson)

Normaal gesproken trekt cannabis geen bijen aan, omdat de plant door de wind bestoven wordt en dus geen nectar nodig heeft om bestuivende insecten aan te trekken. Wanneer er echter ‘bloemenschaarste’ heerst en er geen nectarproducerende bloemen zijn, kunnen cannabisbloemen een belangrijke bron van stuifmeel worden. Bijen hebben stuifmeel nodig om koninginnengelei te maken en daarnaast halen ze er enorm belangrijke eiwitten, vitamines en mineralen uit.

Uit een in 2012 gepubliceerd onderzoek dat in Punjab in India werd uitgevoerd, bleek dat honingbijen (Apis mellifera) tijdens de periode van bloemenschaarste  in mei en juni, de vele in het wild groeiende mannelijke cannabisplanten in de regio als bron van stuifmeel gebruikten. Aangezien cannabisbloemen geen nectar produceren, waren de bijen die men op de planten voedsel zag verzamelen uitsluitend gespecialiseerd in het verzamelen van stuifmeel.

Bovendien zag men de bijen alleen ’s ochtends en ’s avonds voedsel op de mannelijke bloemen verzamelen – op andere tijdstippen waren de bijen afwezig. Dit komt doordat tijdens de ochtend en avond de helmknoppen openspringen. Dit is een proces waarbij de mannelijke voortplantingsorganen opensplijten om stuifmeel af te geven. Bijen worden dus aangetrokken door cannabisplanten, maar alleen door mannelijke planten, alleen tijdens een periode van bloemenschaarste en alleen wanneer zich een piek in de stuifmeelproductie voordoet.

Wat is de bijenverdwijnziekte?

Mannelijke cannabisplanten bieden onmisbaar voedsel aan bijen - Sensi Seeds blog
Mannelijke cannabisplanten produceren stuifmeel dat in perioden van bloemenschaarste bijen onmisbaar voedsel kan bieden (© MarihuanayMedicina)

Bij de bijenverdwijnziekte verlaat een groot deel van de volwassen werksters de bijenkorf, waarbij de koningin en haar onvolgroeide broed worden achtergelaten met voldoende voedsel en enkele voedsterbijen om voor hen te zorgen. Het verlaten van de bijenkorf door de werksters is heel belangrijk, want bij de bijenverdwijnziekte wordt geen opeenhoping van dode of stervende bijen rond de bijenkorf waargenomen.

Dit bizarre en intrigerende verschijnsel heeft zich door de eeuwen heen voorgedaan en verschillende namen gekregen. In Ierland werd in 950, 992 en 1443 na Chr. ‘een grote bijensterfte’ geregistreerd. Het lijkt er echter op dat de frequentie en hevigheid van deze verdwijningen in de afgelopen eeuw is toegenomen. Terwijl eerdere verdwijningen bovendien relatief geïsoleerd voorkwamen, is het seizoensverlies aan bijen nu elk jaar aanzienlijk hoger dan verwacht. In 2007 verloren sommige Amerikaanse imkers 80-100%, terwijl een verlies van rond 10% als ‘normaal’ wordt beschouwt.

De bijenverdwijnziekte is toegeschreven aan een groot aantal verschillende factoren, waaronder een parasitaire of virusinfectie, chemicaliën die in de bijenkorf worden gebruikt om de bijen te behandelen, genetisch gemanipuleerde gewassen, monocultuur, een algehele vermindering van de plantenbiodiversiteit, voedingsstress en het gebruik van bestrijdingsmiddelen. Er is niet van één bepaalde factor aangetoond dat deze verantwoordelijk is en van sommige factoren wordt vermoed dat ze geen bijzonder grote bijdrage leveren. Een voorbeeld zijn genetisch gemanipuleerde gewassen, aangezien in gebieden waar dergelijke gewassen op grote schaal worden verbouwd, geen verband is met een hoog percentage bijenverdwijnziekte. Waarschijnlijk draagt echter een combinatie van factoren bij aan de algehele slechte gezondheid van bijenvolken over de hele wereld.

Periode van bloemenschaarste en bijenverdwijnziekte

Tijdens een periode van bloemenschaarste vullen commerciële imkers het dieet van hun bijen vaak aan met glucose-fructosestroop of suikerstroop met toegevoegde eiwitten. Interessant genoeg is uit onderzoek gebleken dat bijen die zijn gevoerd met eenvoudige suikerstroop van sucrose, in de lente meer broed produceren dan bijen die met glucose-fructosestroop zijn gevoerd. Bovendien leidden toegevoegde eiwitten tot een grotere broed, maar kregen de jonge bijen geen volledige voeding.

Een imker moet zijn bijen tijdens een periode van bloemenschaarste dus bijvoeren met suikerstroop van sucrose en hen een eiwitbron geven die qua voedingswaarde vollediger is dan wat supplementen leveren. Stuifmeel van cannabis, hennep of vergelijkbare soorten die op het juiste tijdstip bloeien, zou een ideale manier zijn om bijen, naast een gezonde mix van vitamines en mineralen, het volledige profiel van aminozuren te leveren dat ze nodig hebben om eiwitten aan te maken.

Gebruik van bestrijdingsmiddelen en bijenverdwijnziekte

Bijenverdwijnziekte - neemolie is dodelijk voor hommels - Sensi Seeds blog
Hoewel algemeen wordt aangenomen dat neemolie onschadelijk voor hommels is, is onlangs aangetoond dat de olie juist dodelijk is voor hommels (© The Art of Doing Stuff)

De rol van bestrijdingsmiddelen bij bijenverdwijnziekte is controversieel en vastgelopen in politieke rookgordijnen. Er zijn argumenten dat bestrijdingsmiddelen een grote rol spelen, maar er zijn ook steekhoudende tegenargumenten die suggereren dat een andere, nog onbekende factor ook een rol speelt en dat de bestrijdingsmiddelen op zijn hoogst een bijrol hebben. Zo worden neonicotinoïden, een soort bestrijdingsmiddel dat vaak met de bijenverdwijnziekte in verband wordt gebracht, in Australië net zo veel gebruikt als elders. In Australië is het aantal honingbijen echter niet aanmerkelijk verminderd.

Australische bijen haalden hun stuifmeel van oudsher echter bij natuurlijke, onbespoten planten in plaats van bij commerciële gewassen. Het bijenhouden in Australië verschuift van honingproductie naar de bestuiving van commerciële gewassen die als monocultuur worden verbouwd, bijvoorbeeld amandelen, wat in de VS al de gangbare praktijk is. Daardoor worden de bijen niet alleen aan voedingsstress blootgesteld, veroorzaakt door het langdurig eten van één voedselbron, maar ook aan een hoger gehalte landbouwchemicaliën, waaronder neonicotinoïden.

Er zijn ook veel aanwijzingen dat meerdere soorten bestrijdingsmiddelen en fungiciden die momenteel gecombineerd gebruikt worden, met inbegrip van, maar niet beperkt tot neonicotinoïden, mogelijk een aantal bijna dodelijke effecten op bijen hebben, waaronder op het eet- en voortplantingsgedrag. Bovendien is onlangs zelfs van neemolie, een gangbaar biologisch bestrijdingsmiddel, gezegd dat het mogelijk bijdraagt.

Neemolie en verdwijnziekte bij hommels

De actieve stof in neemolie is azadirachtine, een uitermate belangrijk bestrijdingsmiddel voor de biologische landbouw. De stof valt selectief verschillende soorten ongedierte aan die niet op een andere manier in de hand gehouden kunnen worden. In een recent onderzoek is echter geconcludeerd dat de stof een negatief effect op mannelijke hommels heeft, ‘zelfs bij een gehalte dat vijftig keer zo laag is als de door boeren gebruikte aanbevolen hoeveelheid’.

Bij de aanbevolen hoeveelheid kwamen in de laboratoriumvolken helemaal geen mannelijke hommels uit en zelfs bij een hoeveelheid die vijftig keer zo laag was, waren de paar mannelijke hommels die uitkwamen misvormd.

In eerder onderzoek is aangetoond dat neemolie over het algemeen veilig is voor honingbijen, maar ook hommels zijn zeer belangrijk voor de bestuiving van gewassen en wilde bloemen. Bovendien zou het gebruik van elke stof die de biodiversiteit bedreigt, koste wat kost vermeden moeten worden, aangezien het doorlopende wereldwijde verlies van planten- en dierensoorten nu als de zesde massale uitsterving op aarde wordt beschouwd. In dat licht is het bijzonder onverstandig om het voortbestaan van een bestuivende soort te bedreigen waar de overleving van verschillende plantensoorten van afhangt.

Cannabis bijenvriendelijk maken

Lieveheersbeestjes zijn een niet-chemische ongediertebestrijding - Sensi Seeds blog
Nuttige insecten, zoals lieveheersbeestjes, kunnen een belangrijk deel uitmaken van niet-chemische ongediertebestrijding (© nutmeg66)

Zoals we hebben gezien kunnen cannabisplanten tijdens een periode van bloemenschaarste bijen aantrekken. Hoewel de kans veel groter is dat de bijen zich op mannelijke planten richten, kunnen ze ook vrouwelijke planten bezoeken omdat deze hetzelfde ruiken. Alleen mannelijke planten kunnen echter een voedselbron voor bijen zijn. Telers die buiten mannelijke planten telen of henneptelers, die mannelijke planten vaak standaard telen, bewijzen de plaatselijke bijenpopulatie dus mogelijk een dienst van onschatbare waarde tijdens een periode van bloemenschaarste.

Een bestrijdingsmiddel dat op de cannabis gebruikt wordt, zelfs een biologisch bestrijdingsmiddel als neemolie, kan bijdragen aan verdwijnziekte bij honingbijen en hommels. Mannelijke en vrouwelijke buitenplanten moeten dus zoveel mogelijk worden beheerd met niet-chemische methoden om insecten onder controle te houden. Nuttige insecten, rondwormen, enzymen en andere methoden kunnen allemaal meehelpen om de planten vrij van ongedierte te houden zonder gebruik van chemische sprays, zelfs van biologische sprays.

Cannabistelers kunnen niets doen aan de factoren die het meeste bijdragen aan de verdwijnziekte, aangezien deze waarschijnlijk samenhangen met de grootschalige landbouwmonocultuur van door insecten bestoven gewassen en daarnaast met de versnippering van het leefgebied, het verlies van biodiversiteit en het grotere gebruik van chemicaliën dat bij een dergelijk systeem hoort. We kunnen er als gemeenschap echter wel voor zorgen dat we er alles aan doen om te zorgen dat onze bijdrage zo klein mogelijk is of dat we er helemaal niet aan bijdragen. Door hennep en mannelijke cannabis buiten te telen, helpen we mogelijk zelfs om het probleem tot op zekere hoogte te verkleinen.

Reageren

Plaats een reactie


Leave a Comment

Please enter a name
Oops, looks like you forgot something?
Read More