Het constitutioneel hof in Spanje herroept vonnis tegen Pannagh-leden

Cannabis Spanje De leden van Pannagh, veroordeeld door het hooggerechtshof, hebben gezien hoe het Spaanse constitutioneel hof het met hen eens is en hun vonnis herroept. Het juridische proces dat al zes jaar duurt, lijkt bijna voorbij te zijn.


Na een gerechtelijk proces van meer dan zes jaar heeft het constitutioneel hof in Spanje het vonnis tegen Pannagh herroepen. Nu wordt de zaak weer voorgelegd aan het Spaanse hooggerechtshof, dat waarschijnlijk voor vrijspraak zal kiezen. Toch blijven veel vragen die in het beroep werden gesteld onbeantwoord, met name wat de verhoogde criminalisering betreft van het Cannabis Social Club-model zonder duidelijkheid over de beperkingen op gezamenlijke teelt.

Op 28 april heeft het constitutioneel hof in Spanje het vonnis van het hooggerechtshof uit 2016 tegen vier leden van Pannagh, mijzelf inbegrepen. Het constitutioneel hof heeft ons beroep gedeeltelijk gegrond verklaard en is van mening dat er tijdens de veroordeling sprake was van een “schending van het recht op een proces met alle waarborgen en rechten van de verdediging in verband met de kennis die verdachten hadden of zouden moeten hebben over het verboden karakter van hun gedrag”.

Dat wil zeggen dat het hooggerechtshof ons de kans had moeten geven om een verklaring af te leggen en de vragen van de aanklagers en de verdediging te beantwoorden, alvorens te beslissen of we wisten dat we een misdaad aan het begaan waren, en of we genoeg moeite hebben gedaan om alle twijfel weg te nemen, deze vragen werden niet expliciet gesteld tijdens het proces.

Het proces vond begin 2015 plaats in de provinciale rechtbank van Biskaje, meer dan drie jaar nadat de gemeentelijke politie van Bilbao was binnengevallen in het pand van Pannagh en de drie aanwezige werknemers had gearresteerd, mijzelf inbegrepen. Zo begon een gerechtelijk proces dat nog niet is afgesloten, aangezien de herroeping van het vonnis van het hooggerechtshof betekent dat deze nu een nieuw vonnis moet vellen.

Het constitutioneel hof in Spanje herroept vonnis tegen Pannagh-leden
Deel van de oogst van 2011 aan het begin van de bloeifase. De politie heeft het in beslag genomen en we hebben het nog niet teruggekregen.

Gedeelde consumptie

Na het proces werden de vijf beklaagden vrijgesproken van drugshandel en van de onwettige verenigingsaanklacht vanwege de activiteiten van de vereniging met betrekking tot de cannabisteelt en -verstrekking.  Het constitutioneel hof besloot dat Pannagh correct handelde, dat onze activiteiten niet winstgevend waren en dat cannabis nooit werd verstrekt aan niet-leden. Volgens de uitspraak werden bij dit alles de beperkingen van de zogenaamde “gedeelde consumptie” in acht genomen.

Het hooggerechtshof was het hier echter niet mee eens. Uitspraak 484/2017, over de Ebers-vereniging van Bilbao, stelde vast dat ”georganiseerde teelt en distributie, onder een groep van 290 leden van een vereniging, geïnstitutionaliseerd en met een roeping tot persistentie in de tijd van cannabis en openstaand voor nieuwe lidmaatschappen, voldoet aan de typische eisen van artikel 368 van het constitutioneel hof”, wat betekent dat wat we in veel Cannabis Social Clubs in Spanje deden en nog steeds doen een misdaad is. De uitspraak in onze zaak was beperkt tot het herhalen van dezelfde formule.

Tot op dat moment was het niet duidelijk waar de grenzen van de CSC-activiteiten lagen, en de grote meerderheid van de gerechtelijke uitspraken waren voor de mogelijkheid om cannabis te telen in een gesloten circuit in het kader van een vereniging.

In Pannagh waren wij de hoofdrolspelers in één van de beroemdste zaken toen de provinciale rechtbank ons in 2006 openlijk voor de rechter daagde en ons meer dan 17 kg marihuana teruggaf, een onvoorziene gebeurtenis die een spectaculaire groei van cannabisclubs veroorzaakte. Wat daarna gebeurde is bekend: honderden verenigingen openden hun deuren en verschillende autonome parlementen begonnen processen om cannabisverenigingen en in sommige gevallen de thuisteelt van cannabis te reguleren.

Het constitutioneel hof in Spanje herroept vonnis tegen Pannagh-leden
De oogst van Pannagh in 2005, onderweg naar het rijpingsproces. Dagen later zou de oogst in beslag worden genomen.

Spanje veroordeelt cannabisclubs

De regering van de Partido Popular, die zich zorgen maakt over de situatie, heeft besloten om actie te ondernemen. Aangezien het probleem leek te zijn dat de lagere hoven de verenigingen tolereerden, heeft de regering een manier gevonden om deze zaken voor te leggen aan het hooggerechtshof, waar ze ongetwijfeld steun hoopten te vinden voor hun onderdrukkende beleid, wat uiteindelijk het geval bleek te zijn.

De kern van het probleem is dat de zaken waarin de door de aanklager gevraagde straf minder dan vijf jaar bedraagt onder de jurisdictie van de strafrechtbanken vallen, en de beroepen tegen de vonnissen behandeld worden door de provinciale rechtbanken.

Als de straf meer dan vijf jaar bedraagt, vindt de audiëntie plaats in de provinciale rechtbank en worden beroepen behandeld door het hooggerechtshof, wat sinds 1997 (de zaak ARSEC) al niet meer gebeurd is, en dat na de hervorming van het strafwetboek ook niet meer kon gebeuren als het enkel ging om een aanklacht vanwege cannabishandel.

Dus stuurde het procureur-generaal, die rechtstreeks verslag uitbrengt aan de regering, in 2018 Instructie 2/2013 naar alle aanklagers om de leden van cannabisverenigingen niet alleen te beschuldigen van drugshandel, maar ook van onwettige vereniging, waarmee de limiet van het verzoek van een vijfjarige straf overschreden werd.

Zo kon de zaak aan een hoger hof voorgelegd worden en ervoor zorgen dat, als de provinciale rechtbank de beklaagden vrijsprak (zoals in ons geval), de eisende partij de zaak kon voorleggen aan het hooggerechtshof. Zo werden verschillende verenigingen op dezelfde manier behandeld, waardoor er al meerdere zaken op dezelfde manier opgelost werden door het hooggerechtshof:

Verenigingen kunnen geen cannabis telen zonder een misdaad te begaan, met uitzondering van enkele onduidelijke gevallen van teelt in kleine groepen. Op basis van deze uitspraken wordt er in steeds meer Spaanse verenigingen ingegrepen.In vele steden, zoals nu in Bilbao, is het bijna onmogelijk om een cannabisvereniging te vinden, aangezien de weinige die overblijven dit in het geheim doen.

Wat heeft geleid tot de herroeping van ons vonnis, net als in de ‘zaak Ebers’, en zeker de Catalaanse vereniging Three Monkeys, is de introductie van een nieuw element door het hooggerechtshof wat voordelig kan zijn voor de beklaagde: het bestaan van vergissingen. Het hooggerechtshof suggereerde dat de veroordeelden in deze zaken misschien reden hadden om te denken dat wat wij deden, marihuana telen voor een vereniging, legaal was.

En dat is waar, we hadden reden kunnen hebben, maar tegelijkertijd concludeerde het hooggerechtshof dat we niet genoeg moeite hadden gedaan om uit te zoeken of dit zo was. Daarom werden we door het hooggerechtshof schuldig bevonden, maar werd onze straf ietwat verminderd. Het probleem is dat al die redeneringen over wat wij dachten plaatsvonden zonder het aan de beklaagden te vragen, en daarom heeft het hooggerechtshof de uitspraak herroepen.

Het constitutioneel hof in Spanje herroept vonnis tegen Pannagh-leden
De oogst van 2005 komt eindelijk aan bij het pand van Pannagh in 2007, na de inbeslagname en teruggave.

Een positieve maar frustrerende straf

De uitspraak is een belangrijke overwinning: als het al moeilijk is voor het constitutioneel hof om een aanvraag voor een procedure in te willigen, dan is het alsof je de loterij wint als ze het met je eens zijn.

Hoe goed dit ook moge zijn, het is ook frustrerend. Om te beginnen was een deel van ons beroep gebaseerd op het feit dat leden van Pannagh, in tegenstelling tot die van Ebers en Three Monkeys evenals andere verenigingen die voor het hooggerechtshof hebben moeten verschijnen, op onze eigen positieve justitiële documentatie vertrouwden om ervan uit te gaan dat wat we deden legaal was. Het is niet zo dat we het in de pers lazen, het is echt gebeurd. Dit werd genegeerd door het hooggerechtshof en, ongelooflijk genoeg, ook door het constitutioneel hof.

Het hooggerechtshof knipte en plakte als het ware de uitspraak in de zaak Ebers en toen we dit in beroep aan de kaak stelden, deed het constitutioneel hof hetzelfde.

Aan de andere kant, toen het Hof het verzoek inwilligde, verklaarde het dat ”de aangeroerde kwestie de specifieke zaak overstijgt, omdat deze een juridische kwestie van relevante en algemene sociale of economische gevolgen doet rijzen”. Dit gebeurt heel zelden, in niet meer dan een of twee zaken per jaar, en het betekent meestal dat het Hof hiervan gebruik wil maken om een bijzonder netelige juridische kwestie zorgvuldig op te lossen.

Noch de procedure van Ebers noch die van Three Monkeys viel onder die categorie, daarom dachten we dat, aangezien Pannagh in het verleden door vele CSC’s als referentie werd gebruikt, ons vonnis uitgebreider en gedetailleerder zou zijn, en dat daarbij de kwestie van collectieve teelt beter verduidelijkt zou worden. Maar dat is allemaal niet gebeurd.

Van de vijftien motieven die gebruikt werden om de procedure te ondersteunen, werden er slechts twee erkend: met de criminalisering van cannabisclubs heeft het hooggerechtshof niets illegaals gedaan. En dat daarom wie cannabis blijft telen en verstrekken binnen een vereniging met honderden of duizenden leden in Spanje een gevangenisstraf kan krijgen.

Wachten op het einde

Nu moet het hooggerechtshof zich uitspreken, aangezien het een nieuw vonnis moet vellen dat overeenstemt met de beslissing van het constitutioneel hof. Zoals we uitgelegd hebben, nadat het vonnis tegen Ebers herroepen was vanwege dezelfde redenen als die van ons, werden de leden twee maanden later vrijgesproken door het hooggerechtshof.

De rechters zeggen dat ”aangezien we het bewijs niet hebben gezien of de beklaagden rechtstreeks hebben gehoord, missen we de nodige vermogens om uit te sluiten dat deze fout onvermijdelijk was. We worden gedwongen tot vrijspraak.” Ook kan de zaak niet doorverwezen worden naar de rechtbank van Biskaje die de beklaagden vrijgesproken heeft, aangezien deze kwesties niet aan bod zijn gekomen tijdens het proces en de rechtsbank daarom niet over de elementen beschikt om hierover te beslissen. Het is dus redelijk om in onze zaak een vergelijkbare uitspraak te verwachten en dat we zullen worden vrijgesproken.

Ondertussen is Pannagh nog steeds gesloten en inactief sinds die dag in november 2011, en de leden hebben andere manieren moeten zoeken om cannabis te verkrijgen, die in de helft van de gevallen gebruikt werd om therapeutische redenen. In het begin werden sommige leden aanvaard door andere verenigingen, maar aangezien velen daarvan om juridische redenen opgeheven moesten worden, moest de meerderheid van de leden de zwarte markt weer op. Dit is het trieste gevolg van de criminalisering van de verenigingen: de illegale smokkelnetwerken, die de rechtbanken zouden moeten helpen opheffen, profiteren ervan.

Ik zou graag van deze mogelijkheid gebruik willen maken om onze verdediging te feliciteren met hun uitstekende werk, in het bijzonder Hector Brotons en de rest van het team van advocatenkantoor Brotsanbert, die heel veel moeite hebben gedaan voor het beroep.

Ook wil ik Rafael Agullo bedanken, die meegewerkt heeft aan de zaak, en Maria Jose Carrera, onze levenslange advocaat die tijdens het onderzoek, het proces en de procedure bij het hooggerechtshof de leiding had over de verdediging, en van wiens diensten we waarschijnlijk gebruik zullen maken om een einde te maken aan de laatste fase van het proces, die na al die jaren eindelijk in zicht is.

Reageren

Heb je een standpunt? Deel hem dan hieronder.

Leave a Comment

Please enter a name
Oops, looks like you forgot something?
Read More
Read More
Read More
Read More