Fenotypes selecteren: van zaad tot moederplant

Voor kwekers die geïnteresseerd zijn in de teelt, is het belangrijk om de verschillen tussen de fenotypen te begrijpen. Als je weet welk fenotype je moet kiezen, krijg je een moederplant die rijk is aan de eigenschappen waar je van houdt. Deze moederplant gaat hopelijk onder jouw liefdevolle zorg vele toekomstige generaties voortbrengen.

Bij de aankoop van zaden zal er waarschijnlijk sprake zijn van een grote mate van fenotypische variatie in de resulterende planten. Bij het kweken van moederplanten voor het stekken van toekomstige gewassen, is het mogelijk om planten te selecteren op basis van specifieke kenmerken. Op deze manier wordt een fenotype geselecteerd dat kan dienen als de ouderlijke bron van toekomstige generaties van variëteiten in de tuin.

Het opstellen van een installatie

Er zijn zaden, potten, aarde (of een ander substraat naar keuze), lampen (bij jonge, zachte zaailingen hebben koele CFL- of LED-lampjes de voorkeur), gedistilleerd of RO-gefilterd (omgekeerde osmose) water en luchtstroom nodig. Eventueel kan ook een lichte vegetatieve groeioplossing worden gebruikt. Dit is echter pas geschikt als de eerste echte bladeren zijn verschenen. Geef de zaailingen tot die tijd alleen gedistilleerd water/RO water. Er kan ook gekozen worden voor een wortelstimulator om de jonge kiemwortels (primaire wortelstokken) de beste levensstart te geven.

Sommige kwekers ontkiemen hun zaden in gedistilleerd water, anderen zaaien de zaden gewoon rechtstreeks in een goed bewaterd substraat. Veel kwekers geven echter de voorkeur aan de schotelmethode, waarbij de zaden op vochtig weefsel worden gelegd en tussen twee schoteltjes worden bewaard. Deze techniek is zeer effectief, eenvoudig onder de knie te krijgen en biedt weinig risico om de zaden te beschadigen. Een complete handleiding voor de schotelmethode staat hier.

De verzorging van zaailingen

Zaden moeten eerst in kleine potjes worden gezaaid en worden verpot als ze hun pot beginnen te ontgroeien (ongeveer elke 7-10 dagen). De grond/het substraat moet licht gecomprimeerd zijn, maar het mag niet zo compact dat de waterafvoer (en de groei van jonge wortels!) beperkt wordt. De lampen moeten vlak boven de potten worden geplaatst en zo nodig worden verhoogd.

In dit stadium is een goede vuistregel om de temperatuur rond de 25°C te houden, zodat de ontkieming en de eerste groei worden versneld. Bij het ontkiemen van de zaden in water, moet het water eerst op deze temperatuur worden gebracht en moet worden geprobeerd om deze te behouden. Veel kwekers en telers zijn het oneens over de juiste relatieve luchtvochtigheid voor ontkieming. Deze hangt vaak af van de variëteit, maar over het algemeen is het aan te raden om de 50-70%-grens aan te houden.

Het stekken van jonge planten

Na de eerste twee weken van de vegetatieve groei moeten de jonge moederplanten voldoende ontwikkeld zijn om te kunnen worden gesnoeid. Dit moet halverwege de middelste stengel gebeuren, direct boven een aantal zijtakken, die vervolgens de hoofdtakken worden.

De verwijderde delen zouden elk minstens twee of drie bruikbare stekken moeten opleveren. Vervolgens kunnen ze gaan wortelen en bloeien, zodat de eigenschappen ervan kunnen worden bepaald en de uiteindelijke selectie kan worden gemaakt. Alle klonen moeten worden voorzien van een etiket, zodat er niet uit het oog verloren wordt van welke moederplant ze afkomstig zijn!

De stekken moeten op de gebruikelijke manier wortelen en een week of twee vegetatief groeien, voordat het lichtregime op 12/12 kan worden gezet om de bloei op gang te brengen. Sommige kwekers beweren dat er ook kan worden overgestapt op een ander lichtregime zodra de klonen zich hebben geworteld en een zichtbare nieuwe groei hebben ingezet. Om de bloemen echter in staat te stellen zich ten volle te ontwikkelen, helpt het om eerst een sterke centrale stam en primaire takken te ontwikkelen.

Tijdens het hele proces moeten de moederplanten met de grootste zorg worden onderhouden. Raadpleeg onze handige tutorial voor meer informatie en tips over het behoud van gezonde moederplanten.

Het kiezen van de gewenste eigenschappen

Tijdens de bloei van de stekken kunnen ze geanalyseerd worden op de gewenste eigenschappen. Eerst moet worden gekeken naar eigenschappen als de lengte van de internodes, de snelheid waarmee de bloei begint en de algemene gezondheid en vitaliteit. Over het algemeen zijn voor binnenkweek korte internodes en planten die snel beginnen te bloeien het meest ideaal. Daarom is de indica genetica in vrijwel alle binnenkweekvariëteiten aanwezig. Veel sativa-variëteiten hebben echter lange internodes en bloeien relatief langzaam, maar ondanks dat zijn zij om hun eigen specifieke redenen, zoals smaak en cannabinoïdegehalte, zeer gewenst.

Terwijl de bloemen zich ontwikkelen, moeten er aantekeningen worden gemaakt over de kwaliteit van het aroma, de structuur van de knoppen en de algemene conditie van de planten. Bij een hoge luchtvochtigheid is het misschien beter om te focussen op planten met losse, lichte topstructuren en niet op de dichte toppen, waarin gemakkelijk schimmelvorming kan ontstaan. Planten die sporen van verslapping, vervorming of infectie vertonen, moeten worden weggegooid.

Deze bloeiende stekken moeten grotendeels in de gebruikelijke groeiomstandigheden worden gehouden. Voor het selecteren van specifieke eigenschappen kunnen de planten echter wel worden “getest” door ze te onderwerpen aan enkele belastende omgevingsfactoren. Er kunnen vele eigenschappen worden getest, waaronder bestendigheid tegen schimmel, vocht of extreme hitte. Het uitvoeren van de selecties in de buitenlucht is net zo eenvoudig als het kweken van de zaden in de omgeving waarvoor ze bedoeld zijn en het bekijken welke zaden het beste ontkiemen. Binnenshuis kunnen de kweekomstandigheden zo nodig worden aangepast om de verschillende buitenhabitats na te bootsen.

De uiteindelijke test wordt uitgevoerd als de selectie is geoogst, gedroogd en gecured en klaar is om een steekproef te nemen. In dit stadium kan er een definitief oordeel worden geveld over smaak, aroma, trichoomdekking en effect. Vervolgens hoeven alleen maar de verliezers van de moederplanten te worden weggegooid en net zoveel stekken van de winnaars te worden genomen als nodig is voor de volgende oogst!

  • Disclaimer:
    Wet- en regelgeving omtrent cannabisteelt verschilt vaak per land. Sensi Seeds raadt u daarom dan ook aan om de lokale wet- en regelgeving na te gaan. Handel niet in strijd met de wet.

Comments

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Auteur

  • Profile-image

    Sensi Seeds

    De redactie van Sensi Seeds bestaat uit botanici, medische en juridische experts, plus gerenommeerde activisten zoals Dr. Lester Grinspoon, Micha Knodt, Robert Connell Clarke, Maurice Veldman, Sebastian Marincolo, James Burton en Seshata.
    Meer over deze auteur
Scroll naar top