12 Stripfiguren & cannabis: Van Popeye tot de superhelden

Stripboeken vermaken ons al eeuwenlang. De verhalen, van Popeye tot Superman, weerspiegelen onze samenleving. Maar als we sommige van hun magische krachten nader bekijken, zien we misschien enkele herkenbare stoffen. Zou Popeyes spinazie een vervanger voor cannabis kunnen zijn? Of is Supermans kryptoniet misschien een subtiele verwijzing naar methamfetaminen?

Sinds hun ontstaan aan het eind van de 19de eeuw hebben stripverhalen een voortdurende evolutie doorgemaakt. Ze verschenen in de VS rond 1890 en werden voorafgegaan door een lange narratieve en iconografische traditie in Europa en door aanzienlijke ontwikkelingen op het gebied van de illustratie. Deze hybride melange van tekst en beeld kreeg zijn naam “comics” omdat stripverhalen oorspronkelijk grappig moesten zijn.

In de loop der jaren nam de stripverhaal-wereld meerdere vormen aan: grafische stripverhalen, kinderverhalen, kritiek op de maatschappij. Later kwamen er daar nog vele andere bij, zoals tekenfilms, de ondergrondse stripverhalen van de jaren 60 en, tenslotte, stripboeken met superhelden in de hoofdrol.

Vanaf de eerste uitgaven in de VS werden stripverhalen een uitingsmiddel voor sociale klassen, generaties en rassen. Als gevolg daarvan werden stripboeken een instrument voor ideologieën, wat ze tot voer maakten voor veel tegenstanders onder de dominante klassen.

Ze werden beschouwd als een bron van destabilisatie, verstoring en zelfs anti-patriottisme, die binnen het bereik van de jeugd en de meer achtergestelde lagen van de samenleving werden gebracht. Het duurde niet lang of stripboeken werden een voorwerp van vervolging en een vorm van sociaal-politiek verzet.

De kunst van de stripverhalen is complexer dan op het eerste gezicht lijkt. Dat blijkt uit hun geschiedenis en evolutie. Wat begon als een eenvoudig zondags stripverhaal werd een middel voor artistieke en narratieve expressie, dat alle mogelijke genres en een oneindig aantal onderwerpen omvatte.

Niets ontsnapte aan de aandacht van hun makers, authentieke kroniekschrijvers van de sociale en politieke tijd waarin ze leefden. Humor, drama, religie, geweld, seks, politiek en natuurlijk… drugs.

Stripverhalen en drugs

We hebben het hier zowel over legale middelen zoals alcohol en tabak, als over meestal nog illegale stoffen, zoals psychoactieve cannabis en psychotrope stoffen, opiaten en later ook designer en synthetische drugs zoals methamfetamine.

Al deze middelen duiken in de loop van de geschiedenis van de stripverhalen op, hetzij onverhuld, hetzij verkapt. In een grote verscheidenheid van verhalen zijn ze op een natuurlijke manier met de personages verweven, als afspiegeling van de historische, sociale en culturele situatie op het moment van publicatie.  Politici, lobby’s en belangengroepen hebben voortdurend gebruik gemaakt van stripverhalen in de strijd tegen het gebruik van drugs en om het gebruik ervan in de maatschappij negatief af te schilderen.

Verschillende cannabis stripfiguren werden tentoongesteld in Barcelona’s Hash, Marihuana & Hennep Museum. De tentoonstelling “Puff Puff Pass!” viert de geschiedenis van cannabis in stripverhalen en belicht enkele van de bekendste tekenaars en de “rokerige” avonturen van hun striptekeningen.

Door enkele van de bekendste personages uit de geschiedenis van de stripverhalen te analyseren, zien we een kroniek van de sociale en politieke tijdgeest van ons recente verleden. Ook zien we een weerspiegeling van de progressieve verbodsbepalingen die de VS invoerden om vraag, aanbod en gebruik van drugs te beperken of uit te roeien.

1. Popeye de Zeeman

Popeye verscheen in 1929 voor het eerst als de ster van een stripverhaal. Veel verschillende schrijvers, tekenaars en formats hebben Popeye tot leven gebracht sinds hij voor het eerst door Elzie Crisler Segar gecreëerd werd.

Sindsdien is Popeye de Zeeman een van ‘s werelds bekendste en meest geliefde personages. Het is veelzeggend dat het oorspronkelijke stripverhaal veel complexer was dan de korte tekenfilms en vol zat met humor voor volwassenen.

Iedereen weet dat Popeyes lust voor spinazie hem bovenmenselijke kracht verschaft. Zou dit misschien een metafoor kunnen zijn voor een ander magisch kruid? Er is geen direct bewijs, maar een en ander bij elkaar opgeteld levert dit een overtuigend beeld op. Voor veel lezers althans is Popeyes krachtgevende spinazie bedoeld als een duidelijke metafoor voor de wonderbaarlijke krachten van cannabis.

Volgens Dana Larsen, een Canadese pro-legalisatie activiste, was het woord “spinazie” straattaal voor cannabis in de jaren 20 en 30. In de clubs waar mensen het rookten speelden ze vroeger ‘The Spinach Song’, opgenomen door de populaire jazzband Julia Lee and Her Boyfriends. Veel mensen geloven dat het woord spinazie in het liedje werd gebruikt als een duidelijke metafoor voor cannabis.

Popeyes spinazie

Bij het analyseren van een stripverhaal uit 1954 waarin Popeye zijn neefjes vertelt over zijn voorvader Hercules, en de scène waarin hij witte knoflook lijkt te snuiven en spinazie eet om meer kracht te krijgen, acht Larsen dat beide voedingsmiddelen eigenlijk metaforen zijn voor cocaïne en cannabis. Opmerkelijk is dat Hercules van witte knoflook afziet om over te schakelen op spinazie.

In een aantal stripverhalen uit de jaren 60 rookt Popeye spinazie via zijn pijp. Hoewel het aannemelijker is dat de bovenmenselijke kracht van spinazie die Popeye krijgt verband houdt met het cocablad, speelt ook mee dat Popeye een gewoonte heeft om te spugen.

Cannabis-propaganda waarschuwde voor de gevaren van cannabisgebruik en beschreef hoe het bovenmenselijke kracht opleverde. Persberichten uit het beroemde tijdperk van de Reefer Madness verkondigden dat cannabisgebruikers buitengewone kracht verwierven, waardoor ze bijna immuun werden voor kogels. Het lijkt dus voor de hand te liggen dat in deze periode Popeyes indrukwekkende spinazie-gerelateerde kracht in verband gebracht zou kunnen worden met cannabis.

Tenslotte heeft Popeye een hond die ‘Birdseed’ (Vogelzaad) heet. De schrijvers die de hond in deze tijd, de hippie-periode bij uitstek, een naam gaven, moeten zeker geweten hebben dat cannabiszaad algemeen gebruikt werd om vogels te voeren, voordat het verboden werd.

Zeelui en cannabis

Als zeeman zou van Popeye verwacht kunnen worden dat hij op de hoogte was van exotische kruiden uit verre oorden. In werkelijkheid waren zeelui veel betrokken bij de introductie van cannabis in de cultuur van de Verenigde Staten en over de hele wereld, door cannabis mee te nemen van hun reizen. Natuurlijk moeten we ook niet vergeten dat hennep eeuwenlang gebruikt werd voor het maken van zeilen voor boten, touwen, kaarten, logboeken, bijbels en natuurlijk als verf en lampolie.

Er zijn veel interpretaties van het Popeye stripverhaal geweest, waarvan sommige ver afstaan van wat de auteurs bedoelden. Ze geven ons echter een goed idee van de iconische status die Popeye bereikt heeft onder gedeelten van de cannabis gemeenschap.

Superhelden en schurken

In het midden van de jaren 30 ontstonden kleine bedrijven zoals All Star Comics, Action Comics en Detective Comics. De kwaliteit van de stripverhalen werd beter en schrijvers en tekenaars verwierven een karakteristieke stijl, die nu als ‘Amerikaans’ bekend staat. Zo ontstonden verhalen over wetenschappers, detectives en aantrekkelijke personages met superieure gaven, die op pad gingen om de planeet of hun gemeenschap te redden van dreigende grote rampen.

Het format stripboek met avonturenverhalen werd beroemd in de jaren 30 en 40 en is sinds de jaren 60 het populairste format voor stripverhalen in de Verenigde Staten. Deze verhalen vertellen over de prestaties en heldendaden van superhelden, personages met buitengewone of bovenmenselijke eigenschappen en vaardigheden, en de door hen bewoonde werelden.

Met de komst van Superman in 1938 barstte de trend voor vermomde superhelden, met buitengewone krachten en een dubbele persoonlijkheid, los. Dit was de geboorte van een gouden tijdperk voor stripboek-superhelden, dat samenviel met de Wall Street Crash en de Grote Depressie. De sociaal-culturele en politieke context waarin deze personages verschijnen is diep verweven met hun persoonlijke geschiedenis en de oorsprong van hun superkrachten, of die van hun antagonisten.

De ‘nieuwe drugs’

De 19e eeuw zag de geboorte van de ‘nieuwe drugs’, waaronder morfine (1806), cocaïne (1860), heroïne (1883) en barbituraten (1903). In die tijd was het gebruik van kleine hoeveelheden van dergelijke stoffen, waaronder cannabis, vaak dagelijks, legaal en vrij gebruikelijk.

In het begin van de 20e eeuw kwam er in de VS echter een moralistische golf van sociale en wettelijke hervormingen tegen dergelijke ondeugden. Dit mondde uit in een wereldwijde kruistocht om drugs uit te roeien. Het drugsverbod in de VS ontstond in 1906, toen Amerikaanse wetgevers een eerste wet goedkeurden, de Pure Food and Drug Act, bedoeld om de verkoop van cocaïne, waarvan in toenemende mate misbruik werd gemaakt, te controleren. Even later trad in 1909 de Opium Exclusion Act in werking, gevolgd door de Harrison Narcotics Tax Act in 1914.

Deze wetswijzigingen veroorzaakten een enorme prijsstijging op al deze stoffen, wat vervolgens de illegale handel in de hand werkte. In de jaren 1930 startte de firma DuPont een PR campagne tegen hennep. In zijn boek The Emperor Wears No Clothes beweert Jack Herer dat het enige doel van de campagne was de kweek en teelt ervan te belasteren en te verbieden. Dit werd klaarblijkelijk gebruikt om het gebruik van nylon in de textielindustrie te bevorderen. Deze campagne oogstte haar vruchten toen in 1937 de Marijuana Tax Act werd goedgekeurd, waarmee gebruikers van cannabis feitelijk strafbaar werden gesteld.

2. Superman

En dan de superheld bij uitstek, Superman, die, zoals eerder vermeld, zijn eerste intrede deed in 1938. Hij werd opgetekend door de Amerikaanse schrijver Jerry Siegel en de Canadese tekenaar Joe Shuster. Superman is een fictief personage dat doet denken aan de helden uit de traditionele mythologie, die de kwalen van de samenleving geneest en strijdt tegen tirannie en voor sociale rechtvaardigheid.

Ook bekend als de Man van Staal, dankt hij zijn superkrachten aan zijn plaats van herkomst: de planeet Krypton. Ondanks zijn superkrachten heeft Superman een achilleshiel. Hij is kwetsbaar voor groen kryptoniet (1943), een soort mineraal afval van Krypton dat in radioactief materiaal veranderd wordt door dezelfde krachten als die de planeet hadden vernietigd.

Blootstelling aan de straling van kryptoniet schakelt Supermans krachten uit en bevriest hem, waardoor hij hevige pijn krijgt en misselijk wordt, en langdurige blootstelling kan de dood tot gevolg hebben.

De enige materie op aarde die Superman tegen kryptoniet kan beschermen is lood, dat de straling tegenhoudt. Lood is ook de enige bekende stof waar Superman met zijn röntgenzicht niet doorheen kan kijken. Hoewel groen kryptoniet de meest voorkomende vorm is, hebben de scenarioschrijvers in de loop der jaren vele soorten geïntroduceerd: rood, goud, blauw, zwart en wit, elk met zijn eigen specifieke werking.

Kryptoniet en methamfetamine

Er zijn duidelijke parallellen tussen kryptoniet en methamfetamine. Een methode die vaak gebruikt wordt om deze drug te maken, zij het illegaal, gebruikt loodacetaat als chemische reactant. Daardoor leiden de fouten die in deze productiefase kunnen optreden er vaak toe dat methamfetamine met lood verontreinigd wordt. Er zijn gevallen bekend van ernstige loodvergiftiging bij verslaafden die methamfetamine injecteren.

In de jaren 30 werd het gebruik van aminen wijdverspreid. Dit zijn stimulerende middelen voor het zenuwstelsel, die veel actiever zijn dan cocaïne en in vergelijking daarmee veel goedkoper. Amfetamine, dextroamfetamine en methamfetamine zijn maar een paar ‘amines’ die gemakkelijk in elke apotheek gekocht konden worden. Ze werden verkocht als middel tegen een verstopte neus, reisziekte, overgewicht, depressie en tegen een overdosis van hypnotische medicijnen.

Door het euforische effect dat de amines veroorzaakten waren ze echter vooral het beste middel tegen depressie. Hierdoor begonnen duizenden soldaten amfetaminen in grote hoeveelheden te gebruiken. De amfetaminen konden hun eetlust gedurende enkele dagen beteugelen en zowel misselijkheid als vermoeidheid stoppen.

Deze stoffen worden gevormd uit kleine stukjes doorzichtig kristal en kunnen, hoewel ze gewoonlijk wit zijn, ook andere kleuren hebben. Ze worden ook wel “ice” genoemd. Misbruik van deze stoffen kan een progressieve en ernstige verslechtering veroorzaken. Dit houdt onder meer in dat de dopamine producerende hersencellen worden aangetast en dat de hoeveelheden geproduceerde dopamine verminderen.

3. Mandrake the magician

Bij dit stripfiguur is het verband met drugs veel explicieter. Mandrake the Magician is een stripreeks, gecreëerd door Lee Falk en Phil Davis in 1934.

Mandrake is een illusionist met een snelle en effectieve hypnotische techniek, die tegen misdadigers en gangsters vecht door hen te laten geloven dat zijn armen slangen of vuurballen zijn. De naam Mandrake is ook de naam van een plant, ook bekend als Mandragora, en is een geslacht van de nachtschadefamilie.

De wortels van de plant zijn in de loop van de geschiedenis van de mensheid gebruikt voor magische rituelen. De mandragora plant is zeer giftig en zowel mandragora autumnalis als officinarum kunnen door de huid heen dringen. Het hanteren van deze planten geeft risico’s op duizeligheid, bradycardie en ademhalingsmoeilijkheden.

De plant figureerde in veel legendes. Tegenwoordig wordt ze, gedroogd, gebruikt als keukenkruid en ongedroogd als geneesmiddel. De plant bevat alkaloïden zoals atropine en scopolamine, en werd dus vroeger veel gebruikt als verdovingsmiddel.

Het lijdt geen twijfel dat Mandrake, ofwel niet-synthetische middelen, tegenover Superman, ofwel synthetische middelen staat, maar toch altijd in eenzelfde kruistocht strijdt.

4. Batman

In 1939 zag een nieuwe superheld het levenslicht, gecreëerd door Bob Kane en Bill Finger: Batman. Dit personage is een filantropische miljonair, Bruce Wayne, die buitengewone gaven heeft als detective en die zich als vleermuis vermomt om zijn identiteit te verbergen.

Het meest kenmerkende van Batman is dat hij geen enkele superkracht heeft, maar zijn intelligentie gebruikt om wapens en werktuigen te maken die hem helpen de misdaad te bestrijden.

5.  Joker

Enkele jaren later komt zijn eerste aartsvijand en antagonist, de Joker, in beeld. De Joker, gecreëerd door Jerry Robinson, is een intelligente psychopaat, verwrongen en sadistisch, die een breed scala van giftige stoffen gebruikt om zijn slachtoffers te vermoorden, door ze dood te laten lachen.

Een van zijn meest voorkomende brouwsels zijn Joker gifsporen, die een anafylactische shock veroorzaken en zijn slachtoffers achterlaten met een groteske glimlach op hun gezicht gefixeerd.

De giftige gassen die Joker gebruikt zouden kunnen staan voor het gebruik van verdovende middelen als chemische wapens. De Joker is een van de invloedrijkste schurken in de geschiedenis van de stripverhalen, een bedreiging voor zowel helden als schurken. Hij is een van de meest sinistere en gevaarlijke antagonisten die in het DC Comics heelal gecreëerd werden.

Begin van de Tweede Wereldoorlog

Tijdens de Tweede Wereldoorlog werden de in de jaren 30 geboren superhelden ook opgeroepen voor militaire dienst, en werden ze instrumenten van politieke propaganda. Ze dienden om de bevolking te motiveren in oorlogstijd.

De twee belangrijkste bedrijven in het land, DC Comics en Marvel Comics, moesten hun onderwerpen en verhalen bijstellen, waarbij de superhelden niet meer tegen maffiabazen vochten, maar tegen de nazi’s en de Japanners begonnen te vechten.

6. Captain America

Nog voor Amerika deelnam aan het conflict wapperde Captain America al met de vlag voor anti-Nazi gezindheid en patriottisme. Dat bleek al uit het allereerste nummer, waarin de held werd afgebeeld terwijl hij Hitler een klap verkocht. Dit personage, gemaakt door Jack Kirby en Joe Simon voor Marvel Comics, verschijnt in 1941, een paar maanden na het begin van de oorlog.

Captain America’s echte naam is Steve Rogers, een jongeman die probeert in het leger te gaan, maar afgewezen wordt vanwege zijn zwakke gestel. Zijn laatste kans om in het leger te komen is zich als vrijwilliger aan te bieden voor een overheidsproject, dat hem verandert in een supersoldaat met bovengemiddelde kracht en intelligentie.

Het product dat hem in een supersoldaat verandert is een mysterieus serum dat mondeling en per infuus wordt toegediend. Dit wordt later gecombineerd met ‘Vita-straling’, die hem de perfecte atletische lichaamsbouw bezorgt. Dit serum vertoont overeenkomsten met wat tegenwoordig steroïden of anabole steroïden genoemd worden. Dit zijn synthetische stoffen die de groei van spiermassa stimuleren, d.w.z. anabolisme.

Deze stoffen werden tegen het eind van de jaren 30 ontwikkeld en, hoewel ze noch verdovend, noch psychotroop zijn, worden ze in veel gevallen gebruikt als onderdeel van een misbruikpatroon. Ze werden evengoed voor recreatieve doeleinden als voor esthetische of competitieve doeleinden gebruikt.

7. De Scarecrow

The Scarecrow is een superschurk die voor het eerst verschijnt in de herfst van 1941, geschreven door Bob Kane en Bill Finger. Zijn alter-ego is Dr Jonathan Crane, een hoogleraar psychologie met een goede kennis van biochemie. Hij verandert in een misdadiger nadat hij ontslagen is wegens het uitvoeren van een experiment over de psychologie van de angst, waarbij hij kogels in de lucht schoot in een klas vol leerlingen om een van zijn theorieën te demonstreren.

Hij gebruikt een reeks verdovende middelen en psychologische tactieken om de angsten en fobieën van zijn vijanden uit te buiten. Zijn vogelverschrikker-vermomming dient als instrument om angst aan te jagen, en maakt deel uit van de rij Batman-schurken.

Hij beschikt niet over superkrachten, maar hij dient zijn slachtoffers wel een vergif toe, een psychotrope stof die hen hun grootste angsten voor ogen laat zien, waardoor ze machteloos worden tegen zijn aanvallen.

Psychotrope middelen bestaan uit chemische stoffen die de mentale processen beïnvloeden. Deze stoffen tasten het centrale zenuwstelsel aan en kunnen van alles veranderen, van geweten, tot gedrag, tot waarneming.

De introductie van synthetische hallucinogenen begon in 1943, toen Albert Hofmann experimenteerde met het innemen van LSD (lysergeenzuurdi-ethylamide, dat hij zelf voor het eerst synthetiseerde in 1938 toen hij Moederkoorn bestudeerde). Hij was toen in staat de psychologische effecten ervan te beschrijven.

Vijftien jaar later, in 1958, isoleerde Hofmann psilocybine en psilocine, de twee psychoactieve bestanddelen van de ‘magische paddenstoel’ Psilocybe Mexicana. Vanaf 1948 begon de psychofarmacologie een bloeiperiode door te maken, die tot op de dag van vandaag voortduurt, en ook een verandering in de behandeling van psychiatrische patiënten betekende.

In de jaren 50 bleef het gebruik van drugs beperkt tot de gemarginaliseerde groepen van de samenleving. In de Verenigde Staten werden ze beschouwd als kenmerkend voor mensen die in getto’s woonden en voor jazz muzikanten. Met andere woorden, verdovende middelen werden geconsumeerd door de verstotenen van de maatschappij.

In de jaren 60 veranderde de situatie en droeg een veel groter deel van de samenleving bij aan het verdedigen van verdovende middelen. Soms probeerden ze met drugs hogere bewustzijnstoestanden of een versterkte waarneming van de werkelijkheid te krijgen.

Ook de ontdekking van nieuwe drugs hielp bij de verspreiding ervan. De onderzoeker R. Gordon Wasson en zijn fotograaf, Allan Richardson, waren de eerste buitenlanders die in Mexico hallucinogene paddestoelen gebruikten. Later zou Carlos Castaneda met zijn antropologische onderzoeken de weg naar entheogenen openen voor toekomstige generaties.

8. Spiderman

In 1962 schiepen Stan Lee, die toegaf regelmatig cannabis te gebruiken als een belangrijk onderdeel van zijn creatieve proces, en Steve Ditko een van de meest vernieuwende personages in de geschiedenis van de stripverhalen. Toen Spiderman voor het eerst verscheen in de jaren 60, waren tienerfiguren in stripboeken altijd veroordeeld tot de rol van hulpje van de held. Stan Lee brak met die traditie.

Lezers konden zich onmiddellijk identificeren met Peter Parker, een intelligente tiener en Spidermans alter-ego, vanwege zijn verlegen persoonlijkheid en zijn schijnbare onvermogen om zich aan te passen aan andere jongeren van zijn leeftijd. Peter Parker verwerft zijn spinnenkrachten nadat hij gebeten is door een radioactieve spin die blootgesteld is aan het geneesmiddel “OZ”, een steroïde die via de huid ingespoten en opgenomen wordt.

In 1971 waren de Spiderman stripverhalen het populairst bij de jeugd. Hierdoor opperde de president van het Amerikaanse ministerie van Gezondheid, Onderwijs en Welzijn aan Stan Lee het idee om een Spiderman-strip uit te geven die waarschuwde voor de gevaren van drugs. Stan Lee accepteerde en publiceerde de trilogie waarin drugs voorkwamen, en presenteerde Harry Osborn, de beste vriend van Peter Parker, als een LSD-verslaafde.

9. De Hulk

In 1962 verscheen voor het eerst De Hulk, een ander door Lee en Kirby gecreëerd personage. De wetenschapper Robert Bruce Banner erfde van zijn vader mutante genen, die de basis vormen van De Hulks aangeboren eigenschappen.

Jaren later, als Bruce een van zijn laatste uitvindingen, de Gamma Bom, uitprobeert, is er een explosie, en wordt hij volledig blootgesteld aan straling. De dodelijke blootstelling aan de gammastralen, samen met de activering van de mutante genen, of nanomeds, maken dat Bruce in staat is zichzelf in De Hulk te veranderen.

Het verhaal van The Incredible Hulk is rechtstreeks geïnspireerd op The Strange Case of Dr Jekyll and Mr Hyde (1886). Het verkent de tweedeling tussen het goed ontwikkelde intellect van Dr. Banner en de eenvoudige en emotionele geest van De Hulk. Zoals in de roman van Robert Louis Stevenson bestaan binnen dezelfde persoon goed en slecht naast elkaar. Het idee voor de roman kwam bij Stevenson na een nachtmerrie die hij had terwijl hij onder invloed van cocaïne was. Hij voltooide de roman vervolgens in zes dagen.

In de eerste verhalen vindt de transformatie alleen plaats als de maan tevoorschijn komt. Maar naarmate de serie vordert komt De Hulk vooral tevoorschijn door woede, opwinding en angst, d.w.z. toestanden die mogelijk door drugsmisbruik veroorzaakt worden.

De Hulk is een monster met bovenmenselijke kracht. Hij wordt voortdurend vervolgd en aangevallen door het leger. Hier treffen we een transformatie aan die gevaarlijk kan zijn, zoals drugsmisbruik, en met de vervolging door de wetshandhavers, die overeenkomsten toont met de anti-drugs kruistocht.

10. Daredevil

Daredevil, de Man Zonder Angst, is een van Marvels populairste personages. Hij werd door Stan Lee en Bill Everett in het leven geroepen in 1964. Nadat hij zijn gezichtsvermogen verloren heeft bij een ongeluk toen hij jong was, ontwikkelen Daredevils vier overgebleven zintuigen zich door straling tot bovenmenselijke niveaus.

Ondanks zijn blindheid gebruikt hij een soort radar die lijkt op die van vleermuizen, echolocatie genaamd. Hij heeft een wonderbaarlijk gehoor, waarmee hij kan waarnemen of mensen de waarheid vertellen of liegen door te luisteren naar variaties in hun hartslag. Zijn tastzin is scherp en hij bezit ook bovenmenselijke kracht. Wanneer hij zijn tastzin combineert met echolocatie, verandert hij zijn knuppel in een vreselijk wapen.

Elk van deze kenmerken doet denken aan de ervaring van het gebruik van psychedelische middelen. Psychedelische middelen werden vanaf 1897 onderzocht toen de Duitse scheikundige Arthur Heffter erin slaagde mescaline te isoleren, de psychoactieve stof van peyote en een psychotroop middel. Het belangrijkste effect hiervan is dat de mentale processen van de hersenen en de waarneming van de geest beïnvloed worden. Dit betekent dat psychedelische stoffen kunnen helpen het onbenutte potentieel van de menselijke geest te bereiken en te ontwikkelen.

Psychedelische middelen bereikten het hoogtepunt van hun populariteit in het decennium van de jaren 60 en het begin van de jaren 70. Drugs zoals LSD stonden centraal in de ‘hippie’ subcultuur in West-Europa en de Verenigde Staten.

11. De X-Men

De X-Men zijn een team van superhelden uit de Marvel wereld, opnieuw gecreëerd door Lee en Kirby in 1963. In het verhaal komt nu een gehandicapt personage voor: Charles Xavier, een man die gevangen zit in een rolstoel maar een uiterst krachtige geest heeft; een mutant met buitengewone telepathische gaven. Een mutant is een organisme (meestal menselijk) dat een genetische eigenschap bezit die ‘Gen-X’ heet. Dit stelt de mutant in staat op natuurlijke wijze bovenmenselijke krachten en vermogens te ontwikkelen.

Charles Xavier richt een School voor Begaafde Jongeren op, die als rookgordijn dient om hun identiteit geheim te houden. De maatschappij bekijkt hen met angst en haat en valt hen met geweld aan. Deze personages vertegenwoordigen de gediscrimineerde minderheden in de Verenigde Staten. Dieper gravend zou Xaviers “droom” een verwijzing kunnen zijn naar Martin Luther Kings beroemde “I have a dream” toespraak.

In dit geval gaat het niet om het verschijnen van één of verschillende specifieke stoffen in de X-Men verhalen. In plaats daarvan is het belangrijk commentaar te geven op hoe harddrugs zoals opiaten, die in die tijd in mindere mate geconsumeerd werden dan softdrugs, een belangrijke rol spelen in de tegenculturele bewegingen van die tijd.

12. De Black Panther

In deze periode werd de zwarte gemeenschap in verband gebracht met het gebruik van en de handel in heroïne. In 1967 beschuldigden leden van de Black Panther Partij in Detroit verschillende heroïnehandelaars ervan de drug aan leden van haar organisatie te verkopen. De Black Panther Partij streed tegen de drugshandel in achterstandswijken. Ze geloofden dat heroïne de mensen meer demoraliseerde op sociaal vlak, dan de armoede zelf.

Men ontdekte dat sommige van de handelaars die de drugs aan de zwarte bevolking verkochten undercover FBI agenten waren. Deze agenten namen deel aan een strategische operatie tegen de Black Panthers met als doel de sociale beweging van de Afro-Amerikaanse bevolking te depolitiseren.

In 1966 verschijnt De Black Panther. De Black Panther is een superheld van Marvel, bedacht door Stan Lee en Jack Kirby, die voor het eerst verscheen op de pagina’s van nummer 52 van de Fantastic Four. Dit was de eerste zwarte superheld in de geschiedenis van de stripverhalen en het personage werd eigenlijk gecreëerd vóór de Black Panther partij, die in oktober van datzelfde jaar werd opgericht. Met het verstrijken van de tijd is het aantal zwarte stripfiguren blijven toenemen.

Vandaag de dag

Nu naar 2021, en daarmee hebben we verschillende decennia overgeslagen en vele andere stripfiguren die zijn opgekomen, maar helaas gaat de Oorlog tegen Drugs tot op de dag van vandaag door. Het is een verliezende strijd die vraagt om nieuw beleid.

Het gebruik van middelen kan niet met geweld een halt worden toegeroepen. De aard en de geschiedenis van het menselijk gedrag en de therapeutische basis van de medische wetenschap moeten allemaal in overweging genomen worden.

Vandaag, in de 21e eeuw, blijft de stripverhalen-industrie vechten om de status te verkrijgen die ze verdient. Ze doet dat met de steun van haar trouwe fans, die talrijker zijn dan men zou denken. Wie denkt dat stripboeken slechts boeken met plaatjes zijn, vergist zich ten zeerste en we hopen dat dit artikel geholpen heeft om dat besef te vergroten.

Zijn er stripfiguren die we over het hoofd hebben gezien en die volgens jou een vermelding verdienen? Laat het ons weten in de reacties hieronder!

Comments

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Auteur

  • Profile-image

    Sensi Seeds

    De redactie van Sensi Seeds bestaat uit botanici, medische en juridische experts, plus gerenommeerde activisten zoals Dr. Lester Grinspoon, Micha Knodt, Robert Connell Clarke, Maurice Veldman, Sebastian Marincolo, James Burton en Seshata.
    Meer over deze auteur
Scroll naar top