by Seshata on 12/09/2014 | Teelt

Mannelijke planten minder waardeloos dan gedacht!

Mannelijke Cannabistelers vernietigen mannelijke planten zodra het geslacht duidelijk wordt, en nu met gefeminiseerde zaden, zullen velen van hen nooit meer een mannelijke plant in hun groeikamer tegenkomen. Toch kennen mannelijke cannabisplanten verrassend veel toepassingen naast stuifmeel produceren om nieuwe zaden te maken.


Bijna alle cannabistelers vernietigen mannelijke planten zodra het geslacht duidelijk wordt, en nu er gefeminiseerde zaden te koop zijn, zullen velen van hen nooit meer een mannelijke plant in hun groeikamer tegenkomen. Toch kennen mannelijke cannabisplanten verrassend veel toepassingen naast stuifmeel produceren om nieuwe zaden te maken. Hieronder laten we een aantal van deze mogelijkheden zien.

Een goede mannelijke plant is een goede vader

Mannelijke soorten van goede kwaliteit zijn essentieel voor een cannabiskweekprogramma. Door vrouwelijke planten van stuifmeel te voorzien, zorgen mannelijke planten voor de helft van het DNA van de volgende generatie. De selectie van mannelijke planten met goede eigenschappen kan dus leiden tot nakomelingen die deze eigenschappen ook hebben. Sommige eigenschappen zijn relatief eenvoudig te herkennen, zoals groeisnelheid, algehele gezondheid en schimmel-, hermafroditisme- en ongediertebestendigheid. Hoewel eigenschappen die van invloed kunnen zijn op smaak en werkzaamheid minder gemakkelijk te herkennen zijn, kunnen ervaren telers aan de hand van een aantal subtiele aanwijzingen zien of de mannelijke plant geschikt is als kweekvader. Mannelijke planten zijn ook belangrijk voor het kweken van zelfbloeiende rassen, omdat ze de kenmerken van hun groeipatroon kunnen doorgeven, terwijl het aroma- en potentieprofiel van de vrouwelijke plant met een beetje handigheid en doorzettingsvermogen behouden kan worden.

Mannelijke planten minder waardeloos dan gedacht

In de meeste gecontroleerde programma’s om mannelijke planten te selecteren, worden identieke vrouwelijke klonen met verschillende mannelijke planten gecombineerd en de resultaten vervolgens met elkaar vergeleken. Zo worden mannelijke planten dus geselecteerd op basis van de kwaliteit van hun vrouwelijke nakomelingen. Het kan voorkomen dat hun eigen fenotype niet precies overeenkomt met dat van de vrouwelijke nakomelingen, aangezien de mannelijke en vrouwelijke fenotypische expressie in cannabis enorm kan variëren, maar het lijkt er wel op dat bepaalde geërfde eigenschappen tot uiting komen. Het is niet empirisch aangetoond dat de potentie van een mannelijke cannabisplant die van zijn vrouwelijke nageslacht aantast, hoewel kwekers dit bij experimenten wel merken.

Vanzelfsprekend gaan selectieve teeltprogramma’s met veel vallen en opstaan gepaard. Totdat de vrouwelijke nakomelingen een oogst hebben geproduceerd, is het namelijk niet mogelijk om precies de impact te zien van de geselecteerde mannelijke plant op het resulterende fenotype. Zowel mannelijke als vrouwelijke planten beginnen echter vroeg in de bloeifase cannabinoïdes en terpenen te produceren, waardoor er aanwijzingen te zien zijn van hun uiteindelijke potentie en aroma. De meeste kwekers knijpen in bloemen en bladeren om hun aroma te laten vrijkomen. Hoewel dit een eenvoudige techniek is, kan hij waardevolle informatie opleveren.

Mannelijke planten dienen wel degelijk een evolutionair doel

Cannabis en de meeste andere soorten van de Cannabaceae-familie zijn tweeslachtig, met afzonderlijke mannelijke en vrouwelijke planten. Maar heel weinig bloeiende planten hebben dit kenmerk. Bijna alle bloeiende planten (meer dan 80%) zijn hermafrodiet, dat wil zeggen dat elke afzonderlijke bloem zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen heeft. Zowel eenslachtigheid (waarbij een plant afzonderlijke mannelijke en vrouwelijke bloemen heeft) als tweeslachtigheid komen zelden voor: elke vorm omvat circa 6% van bloeiende plantensoorten. De overige soorten bestaan uit variaties of mengsels van de drie belangrijkste typen, waaronder gynomonoecie en andromonoecie, waarbij planten respectievelijk zowel hermafrodiete bloemen als vrouwelijke of mannelijke bloemen hebben.

In teeltprogramma's worden identieke vrouwelijke klonen gekweekt met diverse mannelijke planten om de beste vader te kunnen selecteren
In teeltprogramma’s worden identieke vrouwelijke klonen gekweekt met diverse mannelijke planten om de beste vader te kunnen selecteren

Men vermoedt dat tweeslachtigheid een selectief voordeel biedt in bepaalde plantenpopulaties, omdat daar de kans op genetische recombinatie het grootst is. Bij hermafrodiete of eenslachtige planten worden produceert de plant zowel mannelijke als vrouwelijke geslachtsorganen, en als het een zelfbestuiver is, produceert de plant nakomelingen met DNA dat identiek is aan de moederplant. Dit gebrek aan variatie kan zeer snel leiden tot inteelt en een zwakkere genetische gezondheid binnen een populatie. Veel hermafrodiete soorten hebben echter ingebouwde genetische mechanismen die zelfbestuiving verhinderen;  dit fenomeen wordt zelfincompatibiliteit genoemd.

Het blijkt dat eenslachtigheid en tweeslachtigheid zich in planten ontwikkelen als het genetische mechanisme voor zelfincompatibiliteit verloren is gegaan (hoewel dit slechts in circa 6% van de soorten voorkomt, heeft de eigenschap zich  in circa 38% van alle genera zelfstandig ontwikkeld). Er zijn diverse voorbeelden van tweeslachtige planten die eenslachtige fenotypen vertonen in reactie op bepaalde omgevingsinvloeden. In gevallen waarin deze populaties zich hebben verspreid naar gunstiger locaties, neigen ze echter geleidelijk meer naar tweeslachtigheid, omdat het een doelmatig mechanisme is om kruisbestuiving en genetische diversiteit te waarborgen in afwezigheid van zelfincompatibiliteit.

Dit wordt bevestigd in cannabis. De plant kent diverse eenslachtige soorten en heeft een sterke neiging om eenslachtige planten in tweeslachtige populaties te produceren, vooral in stressvolle perioden, en is volledig in staat tot zelfbestuiving. Bij cannabis kan het aantal mannelijke planten in ongunstige omstandigheden korte tijd lang drastisch afnemen, maar een sterke en gezonde mannelijke populatie is de standaardmethode om de gezondheid en levensvatbaarheid van de soort op lange termijn zeker te stellen.

Mannelijke planten zijn niet altijd onwerkzaam

Hoewel veel mensen geloven dat de mannelijke cannabisplant geen cannabinoïdes bevat, is er duidelijk aangetoond dat dit niet waar is. Een studie uit 1971 vergeleek het cannabinoïdegehalte van mannelijke en vrouwelijke planten op diverse locaties, waaronder de  Bekaa Valley in Libanon, Turkije en Marokko, en daarbij bleek dat, hoewel de cannabinoïdeconcentratie in vrouwelijke planten over het algemeen hoger was, de mannelijke planten ook aanzienlijke concentraties bevatten. Het cannabinoïdegehalte in mannelijke bloemen was over het algemeen lager dan dat in vrouwelijke bloemen, maar hoger dan dat van vrouwelijke bladeren. In één geval – Hizzine 3.9.1969 – was op dezelfde locatie de algemene cannabinoïdeconcentratie in mannelijke bloemen hoger dan in vrouwelijke bloemen.

Wanneer afzonderlijk naar THC en CBD gekeken wordt, zijn de resultaten zelfs nog interessanter. CBD was over het algemeen hoger in vrouwelijke dan in mannelijke planten, hoewel er een aantal uitzonderingen waren. De resultaten voor THC – het belangrijkste psychoactieve bestanddeel van cannabis – waren echter verrassend. De Bekaa 26.6.1969- en Hizzine 3.9.1969-typen hadden beide hogere THC-concentraties in alle delen van de mannelijke plant dan de vrouwelijke plant. Met 0,2% tegen 0,04% was het THC-gehalte van de mannelijke Bekaa 26.6.1969-planten vijf maal hoger dan dat van vrouwelijke planten. Met 1,2% hadden de bovenste bladeren van de mannelijke Hizzine 3.9.1969-plant zelfs de hoogste THC-concentratie van alle bij de studie betrokken planten. De percentages THC en CGB verschilden onderling sterk.

Recent heefft een studie naar Thaise natuurrasvariëteiten aangetoond dat mannelijke planten tussen 0,722% en 0,848% THC bevatten, met een THC:CBD-verhouding van 1,9 (gewoonlijk worden percentages hoger dan 1 als drugstypen geclassificeerd en lagere percentages als hennep). Een bulletin van UNODC uit 2005 vermeldde ook  dat uit gaschromatografische analyse was gebleken dat het THC-gehalte van mannelijke planten in Marokko vergelijkbaar was met dat van vrouwelijke planten. In de bladeren was het THC-gehalte 0,4% bij zowel mannelijke als vrouwelijke planten, terwijl bloemen een percentage lieten zien van tussen de 0,4 en 0,7% bij vrouwelijke en tussen de 0,2 en 0,5% bij mannelijke planten. Mannelijke planten hebben de meeste harsklieren op de bloemblaadjes, helmknoppen en de kleinere bovenste  bladeren.

Hasj en concentraten van mannelijke cannabisplanten

Afhankelijk van de herkomst van een hasjsoort kan deze hars bevatten van mannelijke planten die niet uit de akker verwijderd werden. Hoewel de meeste telers in traditionele hasjproducerende gebieden zoals Marokko en Libanon de mannelijke planten rooien om bestuiving te voorkomen, is dit niet altijd het geval en worden mannelijke planten soms geoogst en samen met de vrouwelijke planten verwerkt.

Er gaan  verhalen dat kwekers en telers die – met wisselend succes – bloemen, bladeren en stelen van mannelijke planten gebruiken om hasj en concentraten te maken. Aangezien het harsgehalte over het algemeen tamelijk laag zal zijn, is het doorgaans beter grote hoeveelheden planten te gebruiken of methoden toe te passen die het maximale uit de plant halen, zoals QWISO of butaanextractie.

Naast hasj kunnen mannelijke cannabisplanten ook gebruikt worden om cannaboter en diverse andere oliën en extracten te maken. Hoewel er nog weinig definitief bewijs is van de psychoactieve effecten van mannelijke planten vergeleken met die van vrouwelijke planten, zou het effect meer ‘high’ dan ‘stoned’ zijn, met mogelijk een aangename cerebrale werking.

Hop is tweeslachtig, net als cannabis en de meeste andere Cannabaceae-soorten
Hop is tweeslachtig, net als cannabis en de meeste andere Cannabaceae-soorten

Mannelijke planten kunnen ook gebruikt worden voor de productie van sap

Van mannelijke cannabisplanten kun je ook rauw sap maken. Hoewel er niet veel bekend is over sap, zijn er aanwijzingen dat cannabinoïdes in hun zuurvorm een aantal farmacologische eigenschappen hebben die lijken op hun gebruikelijke niet-zure vorm, zonder het mogelijke nadeel van psychoactiviteit. Omdat mannelijke planten dezelfde cannabinoïdezuren hebben als vrouwelijke planten, zij het in andere concentraties en percentages, kunnen deze ook benut worden in de vorm van sap.

Van mannelijke cannabisplanten maak je op dezelfde manier sap als bij vrouwelijke planten. Alle delen van de plant kunnen gebruikt worden, behalve de harde stelen. Ook is het in het algemeen beter de grootste en meest vezelrijke uitwaaierende bladeren niet te gebruiken, omdat hun hoge chlorofylgehalte een onaangename bittere smaak aan het sap kan geven.

Vezels van mannelijke hennepplanten

Een Hongaarse studie uit 1996 onderzocht de respectievelijke eigenschappen van

mannelijke en  vrouwelijke hennep en toonde aan dat mannelijke hennepvezels op diverse belangrijke punten van vrouwelijke hennepvezels verschilden. De verschillen waren zo groot dat traditionele boeren veel moeite deden om mannelijke van vrouwelijke planten op het veld te scheiden, en ook om alle fasen van het gehele proces van roten, ontschorsen, spinnen en weven gescheiden uit te voeren. In Chinese teksten uit de 16de eeuw v.C. werd al beweerd  dat “de vezels van de mannelijke hennepplant het beste zijn”.

Traditioneel gelden mannelijke hennepvezels als veel fijner en zachter dan vrouwelijke vezels en werden daarom gebruikt om fijne stoffen van te maken, terwijl vrouwelijke vezels werden gebruikt voor grovere stoffen zoals canvas en jute. Deze fijne, met mannelijke hennepvezels vervaardigde stoffen werden volgens toegepast in allerlei huishoudtextiel zoals tafelkleden, handdoeken en bedlinnen.

De vezel van de mannelijke hennepplant is aanzienlijk fijner en zachter dan die van de vrouwelijke plant, maar niet zo sterk
De vezel van de mannelijke hennepplant is aanzienlijk fijner en zachter dan die van de vrouwelijke plant, maar niet zo sterk

Uit de studie bleek dat vrouwelijke vezels sterker waren dan mannelijke vezels, maar dat de mannelijke vezel beter bestand was tegen torsiekrachten en flexibeler was. De fijnheid van een vezel wordt beïnvloed door zijn bestendigheid tegen torsiekrachten en zijn flexibiliteit. Om die reden moest de mannelijke vezel wel aanzienlijk fijner zijn dan de vrouwelijke vezel. Ook werd vermeld dat mannelijke planten een hoger vezelpercentage hebben, namelijk 31,5% tegen 29,6%.

Mannelijke planten zijn vaak goed gezelschap

Cannabis is door de eeuwen heen op veel manieren gebruikt als pesticide en insectwerend middel. Van de gedroogde bloemen en bladeren werden pesticiden en insectenwerende extracten gemaakt, terwijl van pure cannabinoïdes is aangetoond dat deze een antibacteriële en antimicrobiële werking hebben. Bovendien kan cannabis gebruikt worden in combinatie met andere gewassen.

Mannelijke planten minder waardeloos dan gedacht

Er zijn in de loop der jaren diverse studies verricht die aantonen dat cannabis ongewenste insecten kan weren. Cannabis is samen met katoen geplant om katoenwormen te weren, rond groentevelden om rupsen van het koolwitje te weren, tussen aardappelplanten om deze tegen coloradokevers en de aardappelziekte te beschermen,  samen met  tarwe om wortellarven te weren en is gebruikt als een algemeen insectenwereld middel tegen Europese larven van de rozenkever. Cannabis gaat eveneens de groei tegen van ongewenste plantensoorten in de omgeving zoals de schadelijke vogelmuur, en weert ook schadelijke rondwormen zoals aardappelcysteaaltjes, wortelknobbelaaltjes en de sojabooncysteaaltjes.

Men vermoedt dat de door cannabis geproduceerde terpenen hoofdverantwoordelijk zijn voor het weren van insecten en plagen, met name limoneen en pineen. Zowel mannelijke als vrouwelijke cannabisplanten produceren enorme hoeveelheden terpenen, waarbij de geproduceerde niveaus ruwweg lijken overeen te komen met hun  cannabinoïdeconcentratie. Een aantal kwekers zet de mannelijke planten eerder tussen de groenten dan dat zij deze tot de composthoop veroordelen.

Sommige kwekers die het geluk hebben in een land te wonen waar buitenshuis gekweekt kan worden, zetten hun mannelijke en vrouwelijke planten in dezelfde tuin, echter wel zo ver uit elkaar dat niet al te veel mannelijk stuifmeel op de vrouwelijke planten terechtkomt. Indien een of twee mannelijke planten een paar meter van de vrouwelijke planten vandaan gezet worden, bij voorkeur op een plek waar de wind er niet al te veel vat op heeft, ontstaan er eerder wat zaden op bloemen dan dat de oogst helemaal bevrucht wordt. Op deze manier kunnen telers rookbare vrouwelijke bloemen produceren en tegelijk ook zeker zijn van verse gezonde zaden voor het komende seizoen.

Reageren

Heb je een standpunt? Deel hem dan hieronder.

Leave a Comment

Please enter a name
Oops, looks like you forgot something?
Read More
Read More